“Ik wil niet blijven horen dat Charles Dickens een klootzak was,” zegt Orson Welles (1915-1985) in MY LUNCHES WITH ORSON, “ik ben niet geïnteresseerd in de artiest maar in zijn werk”. Honderd jaar na zijn geboorte blijft Welles’ werk indruk maken. Parels zoals Citizen Kane, The Magnificent Ambersons, The Lady from Shanghai, Mr. Arkadin, Touch of Evil, Chimes at Midnight en F for Fake boeien nog altijd. Maar de legendarische Amerikaanse filmmaker blijft ook als mens fascineren. Daarom is het door Peter Biskind geredigeerde MY LUNCHES WITH ORSON interessant. Het beeld dat deze ‘gesprekken van Henry Jaglom en Orson Welles’ ophangen van de theater- en filmmaker situeert zich tussen dat van de oplichter gecreëerd in kritische biografieën en dat van genie zoals zijn fans hem portretteren.
RIGHT NOW, WRONG THEN: Experimentele melancholische komedie van Hong Sangsoo
Voor de vijftiende keer organiseert Courtisane, van 23 tot 27 maart, een avontuurlijk filmfestival in Gent. Film is met zijn 120 levensjaren een relatief jonge kunstvorm; zeker in vergelijking met schilderkunst, theater en literatuur. Maar film evolueerde ook snel tot een massamedium wat leidde tot verstarde opvattingen en onpersoonlijke eenheidsworstcinema. Gelukkig zijn er nog initiatieven zoals Courtisane die tonen dat het anders kan en moet. Verandering mag dan niet eenvoudig zijn, het blijft mogelijk.
CLOUD ATLAS: Onverfilmbaar of filmisch meesterwerk
“And now, the end is here; and so I face the final curtain,…” lijken p-books in koor te zingen nu de e-reader oprukt. Literatuur zou immers als een boekig medium ten dode zijn opgeschreven. Zou, want het einde van het papieren boek is al meermaals aangekondigd zonder dat die voorspelling uitkwam. En daar heeft het opnieuw alle schijn van. Het computer- en smartphone-scherm lijkt het boek immers juist populairder te maken terwijl de tsunami boekenverfilmingen literatuur opnieuw en sterk in beeld brengt bij een jong publiek. Literatuur wordt nog lang niet verbannen naar het museum en het papieren boek gaat helemaal nog niet de weg op van de (verdwenen) glazen melkfles.
“Er zijn ergere misdaden dan het verbranden van boeken,” schreef Joseph Brodsky, “een daarvan is ze niet lezen”. Een andere misdaad lijkt wel boeken te verfilmen. Want bij elke filmadaptatie staan er drommen literatuurfans klaar om te beweren dat het boek aanzienlijk beter was. Maar “als kunst volmaakt is, dan is de wereld overbodig” wist Jorge Luis Borges. Alhoewel er een verschil is tussen het genieten van films en van literatuur draaien beiden rond het tijdelijk verlaten van de volwassenenwereld en het prikkelen van onze verbeelding.
MILDRED PIERCE: De emotionele empathie van Todd Haynes
Toen I’m not there-regisseur Todd Haynes aankondigde dat hij Mildred Pierce voor de Amerikaanse betaalzender HBO ging omtoveren in een miniserie dacht iedereen aan een remake van Michael Curtizs Hollywood film noir uit 1945. Maar de Sirk-fan koos voor een trouwe adaptatie van de roman geschreven door James M. Cain en een reanimatie van een vaak uitgespuwd genre: het melodrama. “Het idee was om oude films, genres en onderwerpen te gebruiken om mensen te doen nadenken over hier en nu” stelt Haynes. Televisie blijkt geknipt voor de adapatie van “een door vrouwen gedreven verhaal” dat onze verbeelding prikkelt.
L’ECUME DES JOURS: Michel Gondry transformeert het boek
L’écume des jours, de zevende speelfilm van de Franse regisseur-auteur-bricoleur Michel Gondry (Eternal Sunshine of the Spotless Mind, La Science des rêves, Be Kind Rewind, The Green Hornet, The We and the I)is een ode aan artisanale cinema via een surrealistisch getint tragisch liefdesverhaal. Maar het is vooral ook een inventieve adaptatie van de onverfilmbaar geachte cultroman die Boris Vian schreef in 1947. Een eigenzinnige, poëtische en emotionele interpretatie die begint als een lichtvoetige komedie maar eindigt als een apocalyptische dystopie. Met donkere melancholie als leidraad en de dood die verankerd is in liefde.
Vaak is het boek beter. Soms de film. Maar heel af en toe zijn het boek en de film elkaar waard. Dat is zo met ‘Boven is het stil’, waar de visuele taal van cineaste Nanouk Leopold en de literaire stijl van schrijver Gerbrand Bakker even krachtig en ingetogen zijn. Na een Gentse avant-première in de zomer van 2013 praatte Bakker over zijn bestseller, de verfilming, creatief droogstaan en… Quentin Tarantino!
De relatie tussen film en literatuur heeft een hoog liefde-haat gehalte. Film en literatuur kunnen moeilijk met maar toch ook amper zonder elkaar leven. Commercie, het contrast tussen hoge en lage kunst, het aan banden leggen of prikkelen van verbeelding, populariteit en obscuriteit, glamour en ernst; meningsverschillen ontaarden vaak in scheldpartijen. Zoals het een oud ruziënd koppel betaamt.
Met wat verbeelding kan men stellen dat het ‘Oedipus’-verhaal zowat de oerversie van de thriller noir is: een duister verhaal waarin de speurder ook een moordenaar is en het gebeuren een mysterie voor het hoofdpersonage. Feit is dat het genre wel gegroeid is uit de pulp, maar duidelijk invloeden vertoont van de klassieke literatuur. Literaire voorbeelden, filosofische stromingen en sociaal-economische omstandigheden drukten hun stempel op een populair genre dat op zijn beurt het medium film beïnvloedde. Met de geboorte van een heus filmgenre als gevolg: film noir.
“Film is verbondenmet wetenschap, technologie en vakmanschap,” zegt David Fincher, “maar echt essentieel is de manier waarop je emoties communiceert aan een publiek. Niemand gaat naar de bioscoop alleen maar om een perfect beeld te zien”. Aldus de beeldtovenaar van Seven, Fight Club, Panic Room en Zodiac.