Home is nog altijd maar de vierde langspeelfilm van Fien Troch (°1978) en toch heeft de Vlaamse en in Brussel wonende cineaste al een hele evolutie doorgemaakt. Terwijl haar eerste drie films vooral in het filmfestival circuit hoge ogen gooiden, breekt ze met haar nieuwste ook door bij een ruimer publiek. Ook al blijft ze met de Film Fest Gent winnaar trouw aan haar centrale thema, communicatiestoornis tussen generaties, en maakt ze nog altijd cinema die wringt.
Met haar vierde langspeelfilm Home scoort Fien Troch niet enkel op filmfestivals maar breekt ze ook door bij een ruimer publiek. Ook al blijft ze met de Film Fest Gent winnaar trouw aan haar centrale thema, communicatiestoornis tussen generaties, en maakt ze nog altijd cinema die wringt. Home focust op de randleeftijd der jongvolwassenheid en serveert ons een complex drama zonder helden of happy end. In een energieke, documentaire filmstijl die even heftig is als de emoties van de protagonisten.
Met haar vierde langspeelfilm Home blijft Fien Troch focussen op communicatiestoornissen. Maar ditmaal is haar documentaire filmstijl even heftig als de emoties van de protagonisten.
Pretentieus, voyeuristisch, banaal, platvoers. Het regende verwijten in de Franse pers. Christophe Honoré’s “poëtische ode aan homoseksueel verlangen” Homme au Bain is echter een fraai – zonder middelen maar mèt pornoster François Sagat gemaakt – staaltje van minimalistische cinema. Uitgepuurd maar krachtig.
“Ik heb een zwak voor Hope and Glory (1987) omdat die film gaat over mijn eigen familie,” herhaalt de Britse regisseur John Boorman (Point Blank, Deliverance) in interviews. Terecht want deze semi-autobiografische film die door de ogen van een verbaasde zevenjarige jongen kijkt naar een door bommen geteisterd Londen tijdens WO II is intrigerend en wondermooi.
“Volg je inwendig maanlicht, verberg de waanzin niet” schreef Allen Ginsberg (1926-1997). Het prettig gestoorde Howl duikt in de geest van de Beat dichter en brengt via het gelijknamige gedicht een tijdperk en een generatie tot leven. Maar ook mythische figuren en een conservatieve, repressieve samenleving.
Een nieuwe golf horrorfilms ruilt humor in voor gruwel. Een teken van de tijd. De nieuwe gezichten van de angst weerspiegelen een diepgewortelde angstcultuur.
“Eli Roth is waar horror op wachtte”, aldus Quentin Tarantino, “geen videoclipcineast die zijn eerste film maakt en dan iets anders gaat doen of een oude regisseur die baalt omdat hij nog altijd maar horror draait. Eli wil horrorfilms maken”. Zoals Hostel.
De toekomst van horror? “Het is een hele eer wanneer je idool Quentin Tarantino je zo noemt,” zei Eli Roth (°1972) toen we de regisseur van Hostel in Rome belden, “maar zelf zie ik me zoals Rob Zombie, Alexandre Aja, Park Chan-wook en Neil Marshall, mensen die de films willen maken waarmee ze opgroeiden”.