John Cassavetes liet zich ooit ontvallen dat het Amerika van de jaren dertig misschien wel nooit bestaan had, tenzij als uitvinding van Frank Capra. Een boutade die wijst op de impact van Capra op de Amerikaanse cinema en die tegelijk ook het utopische karakter van zijn films belicht. In de jaren dertig-veertig was Frank Capra een man met een dubbele zending: enerzijds verstevigde hij als succesvol en toonaangevend cineast zijn positie als auteur, anderzijds trachtte hij als filmmaker de democratische gedachte in de Amerikaanse cultuur te verankeren.
De Marx Brothers draaiden, eerst als kwartet en later als trio, samen 13 komedies. Na de release op dvd van hun zes MGM- en op Blu-ray van hun vijf Paramount-films bleven er nog twee onuitgegeven. Room Service en afscheidsfilm Love Happy. Eén kunnen we al afvinken na de Blu-ray-met-extra’s Love Happy. Een ondergewaardeerde film mèt Marilyn Monroe.
In de satirisch getinte tragedie Loveless gaat een verfoeilijk ouderpaar op zoek naar een verdwenen kind dat ze eigenlijk al vergeten waren. De Russische meester Andrey Zvyagintsev serveert ons ditmaal geen metafoor maar een klinisch portret van de nieuwe petit bourgeoisie.
De Nigeriaans-Amerikaanse actie (The Girl Is in Trouble) en sciencefiction (The Cloverfield Paradox) specialist Julius Onah werpt zich met Luce op de psychologische thriller om thema’s alszwarte identiteit en racisme aan te snijden. Het resultaat is een intrigerende mix van ambivalentie en mysterie.
Julius Onah, director of Luce, photo by Matthew Mendelson
Julius Onahs toneeladaptatie Luce is een van de beste en slimste psychologische thrillers van het jaar. Spannend, gelaagd, ambigu en eindeloos fascinerend. Met thema’s alszwarte identiteit, familie, discriminatie, empowerment, geweld en racisme. En stevige vertolkingen van Octavia Spencer, Naomi Watts, Tim Roth en revelatie Kelvin Harrison.
In 1895 vinden de gebroeders Auguste en Louis Lumière de cinematograaf uit en draaien ze de allereerste films. Al doende ontdekken ze travellings, regie en montage. Cannes-directeur Thierry Frémeaux selecteerde 108 van hun films en levert snedige commentaar bij deze reis naar de oorsprong van de cinema. “A world treasure” prijst Martin Scorsese.
De Tsjechische Nouvelle Vague, Nová Vlna, leverde eind jaren zestig experimentele, poëtisch-realistische cinema en een ‘nieuwe golf’ filmmakers op. Cineasten als Jiří Menzel, Miloš Forman en Věra Chytilová. Die laatste bleef na het neerslaan van de Praagse Lente in haar land, ook al werd haar anarchistisch meesterwerk Madeliefjes in de ban geslagen.
Niet zozeer de vuurgevechten maar wel de krachtige portrettering van de westernhelden, de scherpe dialogen en de meeslepende score van Elmer Bernstein maakte van John Sturges’ The Magnificent Seven een van de leukste westerns ooit gemaakt. En een van de sterkste remakes. Met dank aan Akira Kurosawa.
“Het is maar een begin, wij gaan door met de clichés!” Zo zou je, parafraserend, de herdenkingen van ’50 jaar mei ’68’ kunnen omschrijven. Want ‘analyses’ vol gemeenplaatsen creëren een karikatuur – mei ’68 als speeltuin van bourgeois-revolutionairen en dromers – en de in nostalgische melancholie gedrenkte vieringen vegen de revolutionaire woede van weleer netjes onder de mat. Gelukkig wordt ook Jean-Luc Magnerons in ’68 gedraaide ‘Mai ’68, la belle ouvrage’ op dvd uitgebracht, een documentaire die met de repressie een vergeten aspect belicht.
Als hedendaagse Frank Capra is Frank Darabont (The Shawshank Redemption, The Green Mile) een meester in het dooreenweven van realiteit, fantasie en moraliteit. The Majestic lijkt een naïef sprookje over een jonge scenarist met geheugenverlies die, wanneer hij «per ongeluk» in een Californisch stadje belandt, zowel zijn identiteit herontdekt als zijn integriteit herwint.