Om het Cruijffiaans te stellen “Ieder nadeel heb zijn voordeel”. Het nadeel van het succesverhaal ‘Vlaamse film’ is dat cineasten nu vooral afgerekend worden op box office cijfers. Het voordeel is dat hypes snel vervelen en smeken om alternatieven zoals Kristof Hoornaerts miskende Resurrection. “Je gaat het pas zien als je het doorhebt” wist nummer 14.
THE REVENANT: Met Oscarwinnaar 2016 Leonardo DiCaprio
Aan het eind van wat ongetwijfeld een van de meest viscerale films ooit is, Alejandro González Iñárritu’s 156 minuten lange avonturenfilm The Revenant, staart Leonardo DiCaprio met dode ogen en getraumatiseerde blik in de camera. Even flitste Gloria Swansons “All right, Mr. DeMille, I’m ready for my close-up” (in Billy Wilders Sunset Boulevard uit 1950) door onze geest; DiCaprio’s acteerkrachttoer solliciteert nadrukkelijk naar een (langverdiende) Oscarbekroning. Maar Iñárritu legt met dit slot ook expliciet een link tussen zijn protagonist, de pelsjager Hugh Glass, en de held uit Werner Herzogs Aguirre, der Zorn Gottes (1972), de door Klaus Kinski vertolkte Spaanse soldaat die in 1560 een expeditie naar het mythische Eldorado in Peru leidde en ook met wilde blik in de camera staart. Net zoals Herzog krabt de Mexicaanse cineast graag het dunne beschermingslaagje genaamd ‘beschaving’ van zijn personages om animale driften, willekeurig geweld en barbaarse wraaklust bloot te leggen. En net zoals Herzog gaat Iñárritu met plezier ver, héél ver, om zijn filmdromen te realiseren.
Clint Eastwoods nieuwste ongewilde held Richard Jewell is een vriendelijke reus die verzeild geraakt in een Amerikaanse tragedie, een anonieme blanke man met een complexe persoonlijkheid die worstelt met de hedendaagse geschiedenis. Uit zijn waargebeurd verhaal puurt de 90-jarige cineast een fraai staaltje no-nonsense cinema gedragen door sterke vertolkingen.
Na haar Native Americans drama Songs My Brothers Taught Me schetst de in Amerika werkende Chinese cineaste Chloé Zhao de rodeo cultuur via een jonge Indiaanse cowboy die na een val dreigt een outsider te worden in het macho cowboymilieu en een nieuwe zin moet geven aan zijn leven. The Rider balanceert subtiel op de grens van fictie en documentaire.
In 1968 trok Franklin J. Schaffner met Planet of the Apes een sciencefiction reeks op gang over een toekomstige wereld waar apen de dominante soort zijn geworden. Na Tim Burtons mislukte poging om de franchise nieuw leven in te blazen is er nu Rise of the Planet of the Apes. Geen sequel maar een prequel, geen remake maar een reboot. Een herstart met een karaktergedreven verhaal dat emoties puurt uit de ‘motion capture’ techniek.
Dankzij Basic Instinctverwierf Paul Verhoeven eeuwige roem maar samen met Starship Troopers vormt RoboCop het hoogtepunt van zijn Amerikaanse filmcarrière. Dat wordt nog eens pijnlijk duidelijk gemaakt door de mislukte remake van José Padilha, een Braziliaan die opviel met beenharde Tropa de elite-films.
“Cornflakes zijn voor kinderen” zegt een robot tegen zijn meester. “Jij bent voor kinderen, idioot” luidt het antwoord. Niet echt een hilarische dialoog, al zorgt het verbale duel tussen Frank Langella en Peter Sarsgaard voor vuurwerk, maar wel een die symptomatisch is voor de lichtvoetige ironie waarmee de Amerikaanse onafhankelijke productie Robot & Frank ons doet glimlachen. Deze in Sundance bekroonde debuutfilm van Jake Schreier kiest in tegenstelling tot vele hedendaagse komedies voor een light touch, een ‘minder is meer’-aanpak waarbij de ernstige thema’s even subtiel worden geïntroduceerd als de relativerende humor.
“There are no second acts in American lives” schreef F. Scott Fitzgerald maar de 74-jarige Frank Langella begon als theateracteur, bijrolvertolker, karakteracteur en schrijver al aan enkele aktes. Zijn literair debuut ‘Dropped Names’ loopt parallel met de hoofdrol in Robot & Frank, een buitenkans want “in hoeveel scenario’s krijg je een robot als vriend?”
“Twee zaken haat ik: vals sentiment en nadrukkelijkheid” zegt Jake Schreier, “daarom was ik blij dat Frank Langella me voor de start van de opnames vertelde dat hij de rol niet wilde acteren maar wel spelen én dat hij geen gevoelens wou uitmelken”. Met zijn in Sundance bekroonde debuutfilm Robot & Frank bewijst Schreier dat subtiliteit werkt. Lees meer »
Het door satirist Juvenal in de 1ste eeuw ontwikkelde concept ‘brood en spelen’, waarbij het volk door de machthebbers zoet wordt gehouden met voedsel en gladiatorengevechten, leverde al interessant filmvoer op (van Battle Royale tot The Hunger Games). Zeker in de V.S. tijdens de jaren 70, toen een sfeer van kritiek en paranoia politieke thrillers (The Parallax View, Three Days of the Condor) én futuristische actiefilms zoals Death Race 2000 (Paul Bartel)en Rollerball opleverde. Al werd die laatste film gemaakt door Norman Jewison, een Canadees die heel ‘Amerikaanse’ films maakte zoals In the heat of the night,A Soldier’s Story, . . . And Justice for All, Moonstruck, Agnes of God en The Hurricane).