“The term ‘genre’ eventually becomes pejorative because you’re referring to something that’s so codified and ritualised that it ceases to have the power and meaning it had when it first started,” zei Christopher Nolan toen hij de detective thriller Insomnia verfilmde, ” what I’m trying to do is to create modern equivalents that speak to me of those tropes that have more of the original power.”
Met The Insult (2017) keert de Libanese regisseur Ziad Doueiri terug naar de burgeroorlog die reeds in zijn debuut West-Beirout (1998) centraal stond. Net als The Attack (2012) werd het een omstreden film maar wel een die aangeeft dat kennis en aanvaarding van het verleden cruciaal zijn voor verzoening. Een staaltje provocerende, helende cinema.
‘How I Made A Hundred Movies In Hollywood and never lost a dime’, de titel van Roger Cormans autobiografie klopt niet echt. De koning van de B-films maakte méér dan 100 films en eentje maakte wèl verlies: zijn anti-haat pamflet The Intruder.
Net als Jack Finneys boek en Donald Siegels klassieker weerspiegelt Philip Kaufmans Invasion of the Body Snatchers de angsten van zijn tijd. Maar de ondergewaardeerde paranoiatrip uit 1978 bleek ook behoorlijk visionair.
Saw en Insidious scenarist Leigh Whannell wil als regisseur iconische figuren actualiseren. Straks Snake Plissken via zijn Escape from New York remake, nu al James Whale’s waanzinnige onzichtbare wetenschapper in The Invisible Man. Een perspectiefwissel linkt angst voor en verzet tegen terreur met een feministische strijd tegen patriarchaal geweld.
The Invisible Life of Eurídice Gusmão, de zevende film van de Braziliaanse visuele kunstenaar en filmmaker Karim Aïnouz (Madame Sata), is een Sirkiaans feministisch melodrama over de zoektocht van twee zussen naar elkaar en naar emancipatie in het patriarchale Rio van de fifties. Een subtiel en krachtig pleidooi voor een vrouwelijke blik.
“Vroeger dachtik”; met die woorden en de close-up van een oude Robert De Niro in een rolstoel begint The Irishman. Na een onheilspellende, tragische noodlottigheid uitademende, travelling door de gangen van een bejaardenhuis op het ritme van de ballade ‘In the Still of the Night’.
Het Trump tijdperk inspireert de Amerikaanse onafhankelijke filmmaker Wes Anderson om, in zijn na Fantastic Mr. Fox tweede stop-motionavontuur, voor het eerst een politiek geladen fabel te vertellen. Al blijft zijn Japanse animatie dystopie Isle of Dogs vooral speels en aaibaar. Anderson kwispelt en blaft maar laat het grommen en bijten achterwege.
In een steeds meer beangstigende wereld werkt horror blijkbaar geruststellend en louterend. Getuige het commerciële succes van twee markante bronnen van angst en hoop in 2017: de raciale horrorsatire Get Out en de Stephen King verfilming It. wereldwijd de grootste horrorhit ooit.
De opgang van Columbia, begin jaren dertig een kleine studio, was het werk van twee verwante zielen: de verlichte despoot Harry Cohn en de (eerste) zelfverklaarde auteur Frank Capra. Studiobaas Cohn gaf zijn favoriete regisseur, en aanvankelijk enige ster, creatieve ruimte en Capra bedankte door voor commercieel succes (Platinum Blonde), respect (Mr. Deeds goes to town) en waardering (Mr. Smith goes to Washington) te zorgen. Toen Frank Capra uiteindelijk de studio verliet, had Columbia macht en sérieux verworven.