Op icoon Clint Eastwood na is er vandaag geen Amerikaanse cineast die zo consequent westerns blijft maken als Kevin Costner. Het merkwaardige is dat de acteur (o.m. Silverado en Wyatt Earp) en regisseur daarbij allerminst slaafs de Hollywood-trends volgde. Integendeel, hij roeide steevast koppig tegen de stroom in. Ook nu weer met Open Range.
“Het leven is goed” zegt een dokter. “Goed waarvoor” vraagt zijn patiënt. Deze ontnuchterende dialoog kleurde Le Feu Follet, een melancholische film van Louis Malle uit 1963 over een in een diepe existentiële crisis verkerende alcoholist. De Noorse cineast Joachim Trier (Reprise) baseert zich op dezelfde (uit de jaren ’20 daterende) roman van Pierre Drieu La Rochelle voor Oslo, 31 August.
Our Brand is Crisis, een documentaire van Rachel Boynton over de Boliviaanse verkiezingen van 2002, werd door de Amerikaanse filmmaker David Gordon Green voor de producenten van Oscarwinnaar Argo omgetoverd in een fictiefilm. Het is een politieke screwball komedie geworden die interessante vraagtekens plaatst bij de rol van politiek consultancy maar helaas vanuit een westers perspectief is gemaakt. En uitdraait op een Amerikaans onderonsje.
“Het was populair om ‘in’ te zijn, ik ben ‘out’,” zegt Jacques Rivette in een documentaire bij de dvd- en Blu-ray-box van Out 1, zijn mysterieuze cultfilm uit 1971. Of liever: zijn cultfilms, want beide versies (Noli me tangere en Spectre) van dit amper vertoonde meesterwerk zijn eindelijk beschikbaar en gerestaureerd.
Tussen het majestueuze jungleavontuur El abrazo de la serpiente en het psychologische woestijnoorlogsdrama Waiting for the Barbarians draaide de Columbiaanse regisseur Ciro Guerra samen met Cristina Gallego het epische misdaaddrama Pájaros de Verano. Rode draad: de clash tussen beschaving en barbarij, tussen moraliteit en geweld.
Met het semi-autobiografische Papicha tekent de Algerijnse Mounia Meddour voor een ijzersterk debuut. Een door vrouwen gedreven coming-of-age drama dat inzoomt op de gebeurtenissen tijdens de Algerijnse burgeroorlog in de jaren negentig om de clash tussen onderdrukking en vrijheidsdrang te belichten. Resultaat is een krachtig, indringend vrouwenportret dat in eigen land verboden werd maar na zijn Cannes passage in Frankrijk uitgroeide tot de best bezochte, door een vrouw geregisseerde film uit Afrika ooit.
De Russische filmveteraan Andrei Konchalovsky peilt naar de wonden van Wereldoorlog II via een visueel verbluffende en experimenteel vormgegeven parabel over de kruisende paden van drie gedoemde mensen. Het zwart-wit drama Paradise leverde Konchalovsky de beste regie prijs op in Venetië en bevestigde zijn comeback met The Postman’s White Nights.
“Paranoid Park gaat over een subcultuur in Portland, Oregon; de subcultuur van skaters,” zegt Gus Van Sant, “ik maakte zelf in de jaren 60 deel uit van het skatemilieu. Ook wij waren marginaal maar als skater beweeg je je sneller en ben je vrijer van je omgeving dan anderen”.
Op zondag 3 mei 2020 werd voor de tweede keer een Sembène Award uitgereikt aan de beste wereldfilm die het afgelopen jaar in België te zien was. Volgens de critici. We kregen van MOOOV de vraag waarom onze nummer 1 Parasite van de Zuid-Koreaanse filmmaker Bong Joon-ho was. Antwoord hieronder.
De Zuid-Koreaanse cineast Bong Joon-ho blijft de filmprijzen aaneenrijgen met zijn even virtuoze als wrede satire Parasite. Bovendien overtuigt hij zowel cinefielen als het grote publiek. Dat is behoorlijk straf want de strijd tussen twee families die hij toont in zijn nachtmerrieachtig sprookje is gedrenkt in woede en klassenstrijd. Ook straf is dat de Oscarwinnaar met elke nieuwe visie – en zowel dvd als streaming bieden nu die kans – beter wordt. Omdat de visuele en inhoudelijke rijkdom meer en meer in het oog springt. Parasite blijkt nu reeds een klassieker.