Aneesh Chaganty debuteert met het door een sterke John Cho gedragen Searching, een ondanks een teleurstellend slot best boeiende techno-thriller waarbij de actie zich exclusief afspeelt op computerschermen. De verdienste van de regisseur is dat hij stijl en inhoud op elkaar afstemt en originele pogingen doet om de filmtaal te vernieuwen.
“Lovende kritieken zijn belangrijk,”zegt installatie-kunstenaar en filmmaker Steve McQueen, “wanneer je een film maakt, wanneer je kunst ontwikkelt zijn positieve reacties fijn. Ze zijn een prikkel om het volgende keer nog beter te doen”. De meeste critici reageerden positief op het intense SHAME (zoals voordien op Hunger), “maar je hebt de negatieve reaties ook nodig, daar kan je van leren”.
De Japanse grootmeester Hirokazu Kore-eda won vorig jaar terecht de Gouden Palm van Cannes met een warme, sociaal geëngageerde kroniek van een ersatz familie, outcasts die in Tokio overleven via kruimeldiefstallen en oplichting. Shoplifters is sterke humanistische cinema en past naadloos in het oeuvre van de cineast van Nobody Knows en Still Walking.
In twintig jaar tijd evolueerde Showgirls’ reputatie van wansmakelijke flop tot kritische absurde satire. Met dank aan de lofzang van filmmaker Jacques Rivette. De rehabilitatie bood Paul Verhoeven de kans om via het Franse Elle (en straks Lyon 1943) weer op het voorplan te treden.
“Bid met je ogen open.” Dat is de opdracht, de les, die Martin Scorsese deelt met ons en de personages van Silence. Het verhaal van de gretige jonge Portugese Jezuïet Rodrigues die samen met zijn ietwat sceptische missionarisvriend Garrupe in het Japan van de 17de eeuw op zoek gaat naar zijn vermoeide leermeester Ferreira weerspiegelt de huidige tijdsgeest.
aug 25, 2017 // by Ivo De Kock // biopic, drama, film, genre, regisseur, Scorsese // Reacties uitgeschakeld voor Martin Scorsese’s Silence: Ode aan vrijheid en de kracht van de menselijke geest
SILENCE
Na The Last Temptation of Christ en Kundun was Silence de derde religiefilm van Martin Scorsese. Maar de voormalige misdienaar uit Little Italy maakte al tal van films waar geloof, en de relatie tussen opoffering en verlossing, centraal stond. Voor zijn eigen Christus-figuur hoef je niet ver te zoeken: dat was de eenzaam door zijn biotoop New York zwervende Travis Bickle in Taxi Driver.
Na een Oscarbekroonde kortfilm over de destructieve kracht van racisme maakt de Israëlisch-Amerikaanse cineast Guy Nattiv nu een langspeelfilm over het doorbreken van de cyclus van haat. Twee mokerslagen met één titel: Skin. Twee familieverhalen over haat en de nood aan educatie. Met respectievelijk sombere tragiek en hoopvol drama.
“Ik probeer me met elk personage te identificeren,” stelt David Gordon Green, “wanneer een personage te ver van me af staat voel ik me niet de geschikte auteur”. De onafhankelijke filmmaker uit Arkansas behoort tot de Terrence Malick-school en valt op door zijn respectvolle, poëtische benadering van kwetsbare mensen verankerd in een genadeloos mooi landschap en meegesleurd in een pijnlijk authentieke maalstroom van emoties. Snow Angels die neerstorten of wegvliegen.
Enfant terrible Oliver Stone blijft om zich heen schoppen. Vooral in woorden. President Obama, Pokemon en de Amerikaanse inlichtingendienst moesten er onlangs aan geloven. Want de met samenzweringstheorieën flirtende regisseur van Platoon, JFK en Nixon wond zich op over “het spook van het surveillance capitalism.” Lokaliseren en volgen als big business en politieke controle. “Ik denk dat we paranoïde geboren worden,” geeft Stone toe, “maar soms hebben zelfs paranoïde mensen gelijk. En dat is een understatement.” Volgens hem leven we in “a one-government world” en “a really scare time.”
Sollers Point is pas de vierde langspeler van Matt Porterfield maar met werk opgenomen in de permanente collectie van het MoMA en bekroond op diverse festivals is de uit Baltimore afkomstige filmmaker uitgegroeid tot een van de vaandeldragers van de Amerikaanse onafhankelijke cinema. Een impressionistisch cineast die subtiel, somber én hoopvol filmt.