László Nemes’ Son of Saul: Het claustrofobische beeld van de horror

Kan een gruwelijke film inspirerend werken? Zijn er beelden die je niet kan vergeten, ook al wil je ze niet meer zien? Ja, weten we sinds de hallucinante tocht door een uitroeiingskamp van een lid van een Sonderkommando in Son of Saul.

László Nemes beperkt ons perspectief, sluit ons op in een claustrofobisch 3×4-beeld, waardoor de grenzen van haat en horror ons opsluiten. Wij zijn (de zonen van) Saul Ausländer en zwerven door de gaskamers en crematoria op het ritme van hels kabaal, terwijl we de blik afwenden van de levenloze lichamen.
“Hou je bezig met de levenden”, krijgt Saul te horen van opstandige commandoleden. “We zijn allemaal al dood”, is zijn antwoord. Is een film over de Holocaust even absurd als Sauls voornemen een kind te begraven? Misschien, al delen we Nemes’ visie dat “een dode redden de mensheid redden is”. Wanneer de horror totaal is, blijft het absurde de enige toevlucht.
IVO DE KOCK
SON OF SAUL: László Nemes, HU 2015, 103’; met Géza Röhrig; FILM : **** / EXTRA’S: *** (verwijderde scènes, kortfilm, commentaar); dis. Twin Pics.
