Grosse Freiheit: De criminalisering van Duitse homo’s

Grosse Freiheit is een intiem gevangenisdrama waarmee de Oostenrijkse filmmaker Sebastian Meise het immense onrecht aan de kaak stelt dat Duitse homoseksuelen na de Tweede Wereldoorlog ten deel viel. Een grotendeels onbesproken en vergeten tragedie die de winnaar van de Juryprijs Un Certain Regard 2021 met veel empathie en gevoel voor nuance belicht. Zonder opgeheven vingertje of belerende moraal laat Meise bij de kijker woede opborrelen.
Het persoonlijke en het politieke, het sensuele en het rauwe, het historische en het universele overlappen in Grosse Freiheit. Dit indringende en via drie periodes lopende liefdesverhaal van Sebastian Meise speelt in een Duitse gevangenis en portretteert een man die omwille van zijn homoseksualiteit gecriminaliseerd wordt. Hans Hoffmann wordt aan het einde van Wereldoorlog II van Auschwitz overgebracht naar de gevangenis en keert daar tot eind jaren zestig geregeld naar terug.

Met veel gevoel schetst Meise zowel de vriendschap die ontstaat tussen Hans en celgenoot Viktor, als de intense relatie met zijn minnaar. De vertolking van Franz Rogowski (Transit, A Hidden Life, Undine) is adembenemend en levert samen met Meises subtiele mise-en-scène aangrijpende politieke en poëtische cinema op. Grosse Freiheit is van een hartverscheurende schoonheid en blijft nazinderen.
Vooral ook omdat het voor de kijker confronterend is om te ontdekken dat West-Duitsland tot eind jaren zestig vasthield aan paragraaf 175 van het Duitse wetboek waardoor homoseksualiteit een strafbaar feit was. “Het choqueerde ons ook, het was echt een blinde vlek,” zei Sebastian Meise tijdens zijn bezoek aan Film Fest Gent, “we wisten dat homoseksualiteit op een bepaald moment illegaal was, zonder evenwel te beseffen welke dimensie het aannam. Het was immens, een belangrijk historisch feit dat doorging tot 1994. Paragraaf 175 leidde van 1969 niet meer tot vervolging maar werd pas in 1994 volledig afgeschaft.”
Ivo De Kock
