Quentin Dupieuxs Deerskin: Enkele reis naar Absurdistan.

apr 15, 2020   //   by Ivo De Kock   //   actueel, Algemeen, dvd, film, genre, komedie, regisseur  //  No Comments
Deerskin

De Franse parttime filmmaker en muzikant Quentin Dupieux is een fulltime absurdist die naast de culthit Rubber ook nog knotsgekke films als Réalité, Wrong en Au Poste! op zijn naam heeft staan. Met Deerskin aka Le daim draaide hij zijn beste film. Een heerlijke, en bloederige, zwarte komedie met Jean Dujardin en Adèle Haenel.

Deerskin

“Een goed artiest is en blijft een kind,” zei de Franse filmmaker en muzikant (onder de naam Mr. Oizo) Quentin Dupieux (° 1974) toen hij in 2012 zijn Amerikaanse politiekomedie Wrong (2012) voorstelde tijdens het Filmfestival van Deauville, “maar de meeste regisseurs ruilen dat kind in voor een verzonnen, volwassen versie ervan.” En ook: “Alle films inspireren me, ook slechte films. Vooral slechte films eigenlijk.” Het is een filosofie die de absurdist die zich op de kaart zette met Rubber (2010), een surrealistische horrorkomedie over een moorddadige autoband, altijd trouw blijft. Getuige Steak (2007), Wrong Cops (2013), Réalité (2014), Au Poste! (2018) en nu dus Le daim, op dvd uitgebracht als Deerskin.

Deerskin opent met close-ups van een verward ogende, over Franse autostrades rijdende Jean Dujardin. Even doet de muziek ons aan Janet Leigh en Psycho denken. Maar wanneer Georges zijn jas tracht door het toilet te spoelen (en faalt) blijkt dat we ons opnieuw in een absurd Quentin Dupieux universum bevinden. Al helemaal wanneer de man-op-de-vlucht een waanzinnig hoog bedrag betaalt voor een hertenleren jas. Megacool in zijn ogen, voor de neutrale kijker een veel te kleine potsierlijke hippiejas. Als extra krijgt Georges van de verkoper een analoge camcorder, voor hem een vreemd maar fascinerend object.

Deerskin

Even later strandt Georges in het enige hotel van een klein dorp. Zonder geld want zijn vrouw blokkeerde de gezamenlijke bankrekening en schrijft hem aan de telefoon letterlijk af: “Je bestaat niet meer.” Tijd dus voor een nieuwe identiteit, met dank aan de hertenleren jas die zijn imaginaire vriend wordt. Een vriend waarmee hij kan converseren en met wie hij de mening deelt dat deze jas eigenlijk de enige jas op aarde zou mogen zijn (en Georges de enige die een jas mag dragen). Naargelang Georges meer hertenleren kledingstukken en accessoires (hoed, broek, handschoenen) aan zijn outfit toevoegt, groeit ook zijn toewijding aan de missie die alleenheerschappij van de jas te realiseren. “De stijl van een zieke,” zo omschrijft Georges zijn look en die ziekelijke visie neemt hij akelig letterlijk.

Mede dankzij barvrouw Denise, een zelfverklaarde monteuse (ze heeft Pulp Fiction als experiment chronologisch gemonteerd, een flop geeft ze toe) die naïef lijkt mee te stappen in Georges’ verhaal dat hij een filmmaker is die aan een nieuw project werkt. Ook al is hij duidelijk een leek (die kennis puurt uit een gestolen boek) en oogt zijn beeldmateriaal een zootje. Maar langzaam transformeert zijn amateuristische film tot een snuff movie waarin jassen verdwijnen en mensen bloederig aan hun einde komen. Het schrikt Denise vreemd genoeg niet af. Integendeel, als producente neemt ze het project over. Samen met het noodlot want we zitten volop in een surrealistisch universum waar het lot van een absurde protagonist enkel tragisch kan zijn. En rekeningen brutaal vereffend worden.

Deerskin

Hoe hilarisch Deerskin ook is, Dupieuxs film bevat een ernstige laag. Zo kan men het verhaal zien als illustratie van hoe vervreemding en depressie kunnen leiden tot waanzin en geweld. Waarbij Deerskin een documentaire wordt over een gek. En er is ook een parallel tussen het ego van Georges en dat van een filmregisseur die tot het uiterste wil gaan om zijn fantasie tot leven te wekken, die schoonheid en waarheid denkt te zien waar anderen enkel stijlloze onzin ontwaren. Om maar te zwijgen van het reële verlangen om een nieuw leven op te bouwen, desnoods een imaginair bestaan, weg van de dagelijkse sleur. In de lijn van de mei ’68 stelling dat onder de kasseien het strand ligt. Voor wie het breekijzer, in dit geval de camera en het jasje, wil en durft hanteren.

Maar Deerskin is natuurlijk vooral een knotsgekke gruwelkomedie die haast even verontrustend als absurd is. Tegelijk extreem gewelddadig en pijnlijk tragisch. Zowel een portret van a-sociale geesten als een kroniek van verveling en de illustratie van hoe destructief narcisme kan zijn. De droomwereld van Dupieux blijkt immers een nachtmerrie. Achter zijn zwarte humor schuilen pijn, onbegrip en woede. Emoties van een filmmaker die de wereld als een grap schetst omdat hij er in feite niet mee kan lachen. Of juist niet weet wat hij anders kan doen dan er om lachen. En de avonturen van zijn absurde protagonist opdragen aan alle herten.

Deerskin

De filmmaker als Joker dus en Quentin Dupieux laat niet na om te benadrukken dat film wel een kunst is maar ook verbonden blijft met een industrie die gevoed wordt met geld en draait rond cijfers. In interviews stelt de cineast dat hij een controle freak is (DoP, scenarist, monteur én regisseur van Deerskin) omdat het hem verbindt met zijn roots als video amateurfilmer toen hij ook al met kinderlijk plezier films maakte. Die liefde voor artisanale cinema ademt Deerskin uit.

Daar waar zwarte humor in cinema nogal eens durft leiden tot cynisme en afstandelijkheid is er bij Dupieux enkel sprake van oprechtheid en betrokkenheid. Zijn personages hebben net als de auto, de jas en de camera een geschiedenis. Een verleden en een waarde. Dankzij hun fragiliteit en de empathie van de filmmaker. Ondanks de breed uitgesmeerde waanzin en fataliteit. Sterk geholpen door briljante vertolkingen van Jean Dujardin en Adèle Haenel diept rasabsurdist Dupieux ditmaal zijn knotsgek vertrekidee uit waardoor zijn zevende speelfilm ook zijn beste is geworden. Deerskin is een surrealistische parel.

IVO DE KOCK

DEERSKIN: regie: Quentin Dupieux; F – 2019 – 77′; met Jean Dujardin, Adèle Haenel, Albert Delpy; scenario Quentin Dupieux; muziek Janko Nilovic; fotografie Quentin Dupieux; montage Quentin Dupieux; FILM: **** / EXTRA’S: 0; distributie: Cherry Pickers.

Leave a comment