Alexandre O. Philippe over Lynch/Oz: “Ik maak geen documentaires maar films over film”

feb 2, 2024   //   by Ivo De Kock   //   actueel, documentaire, film, genre, interview  //  Reacties uitgeschakeld voor Alexandre O. Philippe over Lynch/Oz: “Ik maak geen documentaires maar films over film”
Lynch/Oz

De Zwitserse filmmaker Alexandre O. Philippe blijft haast als enige koppig filmessays maken. Lynch/Oz linkt surrealistische cinema aan Technicolor dromen.

“Mijn documentaires zijn filmessays, speurtochten naar de betekenis en werking van film met tamelijk esoterische ideeën over film. Ze zijn gemaakt voor het grote scherm en daarom ook heel visueel.” Geen toeval dat Alexandre O. Philippe ons dat vertelt tijdens een van zijn bezoeken aan Film Fest Gent.

De Zwitserse filmmaker is een gevierde figuur in het festivalcircuit dankzij films over zombiecultuur (Doc of the Dead), Star Wars mythologie (The People vs George Lucas), Psycho’s douche scène (78/52), The Exorcist (Leap of Faith: William Friedkin on The Exorcist ), Alien (Memory: The Origins of Alien), Monument Valley (The Taking) en William Shatner (You Can Call Me Bill).

“Ik ben al een leven lang cinefiel,” zegt Philippe, “reeds tijdens mijn jeugd in Zwitserland keek ik naar Hitchcock films en was ik dol op horror. Mijn vader gaf me die liefde voor film mee. Ik ging vaak met mijn ouders naar de bioscoop en thuis joegen we er stapels VHS tapes door. Zo kreeg ik de filmmicrobe te pakken. Eerder toevallig, door het draaien van een documentaire over Star Wars werd film mijn focuspunt. Ik voelde meteen dat daar een passie lag die aansloot bij mijn obsessie als kind om films te herbekijken en te deconstrueren.”

Lynch/Oz

Lynch/Oz (2022) linkt de imaginaire landschappen van The Wizard of Oz (1939) en David Lynch. Alexandre O. Philippe: “Aan de basis ligt mijn passie voor Lynch. Hij is een héél belangrijk filmmaker, waarschijnlijk de belangrijkste Amerikaanse surrealist. Binnen honderd jaar spreekt men nog altijd over zijn films. Mijn favorieten zijn Lost Highway (1997) en Mulholland Dr. (1999). Ik hou van de bizarre personages, bevreemdende sfeer, parallelle werelden en zwarte humor. De cinema van Lynch is, in tegenstelling tot wat vaak gezegd wordt, niet cryptisch maar toegankelijk en onderhoudend.”

Erg Amerikaans ook. Films als Blue Velvet leggen de nachtmerries bloot die schuilen onder iconische beelden en popcultuur. “Dat aspect boeit me al lang maar je kan natuurlijk geen film over Lynch maken gewoon omdat je een film over Lynch wil maken. Je moet iets nieuw introduceren. De verbanden tussen The Wizard of Oz en het oeuvre van Lynch werden in culturele middens al langer besproken maar nog niet in een film. Laat ons in deze rabbit hole duiken dacht ik. Uiteraard contacteerde ik Lynch eerst, al wist ik dat hij niet ging meewerken. Lynch praat niet graag over zijn werk en maakte me ook meteen duidelijk dat een uitgebreid gesprek, zoals ik had met William Friedkin voor Leap of Faith, er niet inzat. Geen probleem, ik kies toch liefst telkens voor een andere insteek.”

Lynch/Oz

Hier door Lynch te casten als een soort Dorothy, iemand opgegroeid in de Midwest die dankzij fantasie de yellow brick road richting artistieke vrijheid volgt. Met zes critici en filmmakers die Lynch en The Wizard of Oz verbinden. Lynch/Oz is wel geen collage van korte essays. Ik ontwikkelde het scenario en de structuur op basis van wat Amy Nicholson, John Waters, Karyn Kusama, Rodney Ascher, het duo Justin Benson & Aaron Moorhead én David Lowery me aanreikten. Omwille van de pandemie waren live gesprekken uitgesloten zodat we vanop afstand moesten samenwerken. Via telefoon ontwikkelden we ideeën, daaruit distilleerde ik een scenario waarmee ze naar de studio trokken.”

“Niets is wat het lijkt te zijn.” De tornado die Dorothy’s avontuur start legt de psychologische onderstroom van de cinema van Lynch bloot. “Met het openingssegment van criticus Amy Nicholson duiken we in de geest van Lynch. Waarna Rodney Ascher wijst op de Americana droombeelden die de filmmaker deelt met The Wizard of Oz, de film die volgens Lynch “caused people to dream for decades.” De puzzel schoof verder automatisch in elkaar met mijmeringen over de beelden, motieven en thema’s.”

Het werd een visueel essay. “Ik zie mijn films niet als documentaires. Het zijn films over film. Films over de mysteries van cinema, de werking van film, de manier waarop film inwerkt op onze hersenen. We hadden het voor dit interview over de hotelgangen (in het Gentse Yalo Urban Boutique Hotel, IDK) die ons lijken te verwelkomen in de droomwereld van David Lynch. Dat doet je als cinefiel fantaseren over de interieur designers. Gaat het om bewuste knipogen van Lynch fans? Of geeft dit aan hoe filmbeelden in het collectieve onderbewustzijn verankerd raken en op onverwachte plaatsen opduiken?”

Lynch/Oz is naast een denkoefening vooral een emotionele trip. “Mijn filmessays zijn meer spel dan analyse. Het gaat me niet om uitleggen of verhelderen, eigenlijk wil ik het mysterie zelfs vergroten. Ik duik graag in creatieve processen en daar spelen per definitie mysterieuze mechanismen. Op de vraag waar ideeën ontstaan zou Lynch zeggen ‘ze komen uit die kamer, vanachter dat gordijn.’ Een boutade maar ook weer niet. Peilen naar intenties en rationele verklaringen vind ik zinloos, wat mij ècht interesseert is hoe we collectief emotioneel reageren op films. Dat heeft te maken met hoe filmmakers visueel en narratief aansluiting vinden bij onze gevoelens en angsten.”  

The Wizard of Oz blijft fascineren… “…omdat de film gaat over de Amerikaanse droom, de Amerikaanse nachtmerrie, het idee thuis weg te gaan en ons voorbij de regenboog te begeven. Een typisch Amerikaans concept. Het verbaast me niet dat mensen zich aangesproken voelen door, en filmmakers terugkeren naar, het avontuur van het meisje uit het hart van Amerika dat vertrekt en dan verlangt om terug te keren. Iedereen heeft een eigen band met The Wizard of Oz maar die van John Waters, verantwoordelijk voor  het meest persoonlijke hoofdstuk, en Lynch vertoont overeenkomsten. Ook al vertalen ze hun verwantschap op een filmisch totaal andere wijze. Niet onbelangrijk is dat ze de film zagen als kind terwijl ik als Europeaan reeds 20 was bij mijn eerste kennismaking. Het meest onder de indruk was ik toen van het visuele effect. Dorothy die na de zwart-wit intro een deur opent waardoor we een Technicolor wereld ontdekken. Wat een trip! De rode schoenen, de dubbelgangers, de wind, al die motieven vielen me op maar vooral dat kleurrijk universum bleef fascineren. Lynch/Oz wil aangeven dat er veel interpretaties mogelijk zijn maar dat die vooral verbonden zijn met jeugdherinneringen én iets zeggen over de impact van film. In die zin gaat het ook over de mysteries van het creatieve proces, hoe het onderbewustzijn bij filmmakers werkt.”

Overwoog u Oz/Lynch als titel? “Nee, Lynch/Oz klinkt beter en David Lynch vormde het uitgangspunt bij dit filmessay. Maar het is natuurlijk een de-kip-of-het-ei verhaal. In een ander universum en met een andere tijdsopvatting, wie weet?”

Net voor Lynch/Oz draaide u met The Taking (2021) een film over Monument Valley. Het Navajo reservaat met rotsformaties dat John Fords favoriete locatie was en in de verbeelding van veel Amerikanen uitgroeide tot symbool van de ‘Old West’. Niet toevallig staat er een bordje met ‘John Ford’s point’. “Ford, en zijn reflectie over hoe Hollywood omspringt met feiten en fictie in The Man who Shot Liberty Valance, was het uitgangspunt bij The Taking (aka The Valley)  maar we kijken ook naar andere films. Eigenlijk gaat dat filmessay over Monument Valley en semiothiek, over hoe een herhaling van beelden in onze geest een alternatieve Amerikaanse geschiedenis creëerde. Het illustreert de kracht van cinema, het vermogen van film om een vals verhaal te vertellen. Deel van die leugen is ook de indruk die door het vertrouwde beeld gecreëerd werd dat we de locatie heel goed kennen, dat we er geweest zijn. Het bordje, de sign, waar je naar verwijst is er nog altijd en fungeert als geheugensteuntje voor toeristen die naar Utah (slogan “the greatest earth on show”, IDK) afzakken. De geest van Ford is er nog aanwezig. Dat prikkelde mijn nieuwsgierigheid.”

Wat was de trigger bij You Can Call Me Bill (2023)? “Het larger than life aspect gecombineerd met de nuchterheid van Star Trek én The Intruder acteur William Shatner. You Can Call Me Bill werd zowel een portret als een filosofische film. Thema’s verbonden met zijn filmcarrière wisselen af met observaties over het leven en onze planeet. Met bedenkingen over eenzaamheid en dood. Een andere kant van Shatner laten zien vond ik boeiend. Maar Shatner verschilt natuurlijk niet van William Friedkin, hij is een showman die zich erg bewust is van zijn imago. Doordat ik, net als bij Friedkin, heel lange gesprekken met hem voerde viel het masker soms wel weg. Ook omdat ze beiden in een fase zaten dat ze de manier waarop ze herinnerd willen worden trachtten te sturen. Al is Leap of faith (2019) vooral een spirituele film over The Exorcist. Passend aangezien dat natuurlijk ook een heel spirituele film is. Ik wou in Friedkins manier van filmen, van denken, duiken en stuitte daarbij op zijn twijfel en spijt. Heel verrassend en bijzonder menselijk.”

Alexandre O. Philippe in Gent – Foto Jeroen Willems