The Hitchcock Touch. Deel 32: Torn Curtain

mrt 25, 2018   //   by Ivo De Kock   //   actie, actueel, avontuur, genre, Hitchcock, regisseur  //  No Comments

TORN CURTAIN

In de jaren zestig leek Alfred Hitchcock achterhaald te worden door zijn eigen thema’s en obsessies. De man die voor de Nouvelle Vague nog een ‘betekeniscineast’ was, werd voor een progressieve generatie cinefielen na het spionage tweeluik Torn Curtain – Topaz een oude reactionair. De val van Hitch werd verbonden met ouderdom, een verslechterende gezondheid en de afwijzing door Tippi Hedren tijdens het draaien van Marnie.

TORN CURTAIN

Het was alsof de fictie van Vertigo realiteit werd: Scottie/Hitch verliest de controle over zijn creatie Judy/Tippi en verwerkt dit slecht. Marnie flopte en werd neergesabeld als een zieke film, Torn Curtain en Topaz werden onthaald op genadeloze kritiek (omwille van de vermoede politieke inhoud) en misprijzen (omwille van de ‘gedateerde’ vormgeving) en op Frenzy en Family Plot, werd enkel nog meewarig gereageerd.

Tegelijk was ook de economische macht van Hitchcock verdwenen: hij kreeg zijn revolutionaire Kaleidoscope-project niet meer rond (recycleerde het dan maar gedeeltelijk in Frenzy) en moest onder druk van de studio bij Torn Curtain zelfs de muzikale score van zijn jarenlange medewerker Bernard Herrmann vervangen door een meer hippe soundtrack. Toch bleef Alfred Hitchcock tot het bittere eind actief: ondanks felle psychische en fysische pijnen werkte hij vlak voor zijn dood in 1980 nog koortsachtig aan een laatste project, The Short Night.

TORN CURTAIN

De films van Hitchcock uit deze laatste periode werden misbegrepen en ondergewaard. Haast niemand had oog voor de donkere humor van Hitch, voor de ironie waarmee hij een scherpzinnig beeld schetste van menselijke relaties en de door een samenleving opgelegde leefregels en denkpatronen. De knipoog van Hitchcock en de vraagtekens die hij plaatste, ontging zowat iedereen. Wat ook grotendeels ongemerkt bleef is dat Hitchcock wel degelijk meester bleef van zijn werk én rekening hield met een veranderend publiek.

Hij speelde in op de verloren onschuld van de kijker en de opmars van de beeldcultuur door het spektakel te deconstrueren, de magie te doorprikken. De toon werd ludieker, het plezier grimmiger, de trucs doorzichtiger en het verhaal manifest een spektakel. Maar het publiek reageerde niet op de uitnodiging om het spel mee te spelen. Daarvoor was Hitchcock té zeer vooruit op zijn tijd. Terwijl bij de filmliefhebbers de opvatting groeide dat de cinema van Hitchcock verouderd was.

TORN CURTAIN

Met Torn Curtain en Topaz keerde Alfred Hitchcock terug naar de formule van de spionage-film. De context is, zoals in Foreign Correspondent en Saboteur, reëel. Maar de toon van deze films die zich afspelen in de koude oorlog is eerder, zoals in Secret Agent en Sabotage, koel. In Torn Curtain wordt snel duidelijk dat Hitchcock het spel van de bedrieglijke schijn, de identiteitsverwisselingen en de achtervolgingen weigert op te voeren als luchtig entertainment. De toon van de film is bitter, donker en gewelddadig. Visueel domineren monochromie, vale schaduwen en rechte lijnen.

De indirect belichte sets, de expressieloze figuranten (met sporadisch hysterische uitbarstingen), de soms flou wordende beelden (wanneer het vrouwelijke hoofdpersonage huilt) en de onpersoonlijke kleding (enkel de toneelkledij springt uit de toon) versterken het gevoel dat we getuige zijn van een grauwe nachtmerrie. Het centrale personage, de wetenschapper-annex-spion Michael Armstrong, is geen traditionele held. Zijn beslissing om de poseren als een overloper is ingegeven door persoonlijke motieven en niet door morele of nationalistische overwegingen.

TORN CURTAIN

Armstrong is niet ‘de goede’ en evenmin de vertegenwoordiger van ‘Het Goede’ (lees: het kapitalistische systeem als tegenhanger van de duivelse communistische blok). Hij gaat op zoek naar de MacGuffin, een wiskundige formule die een waterdicht defensiesysteem mogelijk maakt, omdat zijn eigen onderzoek was vastgelopen. De formule die zich in de geest van een Oost-Duitse professor bevindt, moet dan ook vooral Armstrong zelf deblokkeren. Zijn asociale queeste achter het ijzeren gordijn blijkt een must om geestelijke rust te vinden en zijn relatie een kans te gunnen.

Een relatie die door het gebeuren juist enorm op de proef gesteld wordt: Michael misleidt immers ook zijn vriendin en collega Sarah. Een bedrog dat uiteindelijk de redding van het koppel blijkt wanneer de woede van Sarah, die in haar n  a•eve onwetendheid haar geliefde volgt in de gevarenzone, de twijfel van de achterdochtige DDR-agenten net lang genoeg verdrijft. Na de revelatie (van de ware toedracht) volgt een passionele explosie (een stiekeme omhelzing), een ontmaskering (buiten beeld wordt een bezwarend lichaam opgegraven) en een vlucht (per fiets, bus en boot) voor het gevaar.

TORN CURTAIN

Torn Curtain is minder een afrekening met een maatschappelijk systeem dan wel een Faustiaans verhaal over een impotente wetenschapper die zijn redding zoekt in plagiaat (een briljante scne draait rond het ontfutselen van de formule aan het ware genie en de krampachtige poging de vondst te memoriseren) en daarbij zijn ziel verkoopt. Reeds in de filmgeneriek geeft Hitchcock aan dat het traject van zijn centrale personage een helletocht is: links in beeld verschijnen vlammen, rechts de blauw gerasterde grimassen van de hoofdrolspelers. De referentie naar de hel wordt hernomen in de beslissende confrontatie van de film: Michael en Sarah moeten de opvoering van ‘Francesca da Rimini’ (waarbij Tachaikovsky zich inspireerde op de ‘Inferno’ van Dante) verstoren (door ‘brand’ te roepen) om tijdens de chaos te verdwijnen.

TORN CURTAIN

De hel is in Torn Curtain echter niet noodzakelijk de anderen. De film begint en eindigt wel met pogingen van het koppel om zich, gewikkeld in dekens, af te sluiten van de buitenwereld: de letterlijke en figuurlijke koude (en de storende blik van medereizigers) op de boot en de onderkoeling door water (en de nieuwsgierige blik van de fotograaf) aan land. Maar de hel blijkt snel het individu zèlf te zijn: de Amerikaan met het engelachtige uiterlijk verraadt iedereen (ook zichzelf). Michael Armstrong blijkt in staat tot leugens en walgelijke daden. Hij zet zijn vriendin op een dwaalspoor, vermoordt een Oostblokagent op gruwelijke wijze, maakt misbruik van de naïviteit en de wetenschappelijke passie van een brave oude professor en brengt zonder scrupules een bus onschuldige Oost-Duitsers in gevaar. Logisch dat er geen winnaars zijn in Torn Curtain: de antipathieke held maakt overal slachtoffers en vervalt zelf in barbaars gedrag.

TORN CURTAIN

De gruwelijke moord op Gromek is de sleutelscène van de film. In de langste moordscène die Hitchcock ooit filmde (ze duurt 10 minuten) toont de regisseur niet enkel hoe moeilijk een moord plegen is maar ook hoe vreselijk ‘gewoon’ moord kan worden. Michael en zijn vrouwelijke medeplichtige ontpoppen zich in de keuken van een boerderij niet bepaald tot begenadigde moordenaars. Omdat Gromek weigert te sterven moeten ze verschillende huiselijke objecten inschakelen: van een soepketel over een mes dat afbreekt tot een schop en een gasoven.

De link naar vergassing maakt duidelijk dat de klunzen ook geweldenaars zijn: de gewone man kan in een buitengewone situatie een monster worden. Maar die situatie kan niet herleid worden tot het decor. De keuken in Torn Curtain dicteert evenmin als de badkamer in Psycho of de huiskamer in Dial M for Murder de actie, ze vormt een contrapunt. Een vredige alledaagse omgeving kan, onder impuls van de menselijke psyche, snel veranderen in een gevaarlijke hel. De existentiële angst van Hitchcock is de expressie van een donkere visie waarin de realiteit gevaarlijk is en de normaliteit bedrieglijk. Michael Armstrong is meer een spion dan een wetenschapper: hij bedriegt, manipuleert en bespiedt. En blijkt een bron van wantrouwen en angst.

TORN CURTAIN

Alfred Hitchcock heeft lang gespeeld met het idee een film te maken over de Burgess-Maclean spionagezaak. Wat hem daarbij interesseerde was de emotionele impact die het ontdekken van het verraad van haar echtgenoot had op de vrouw van Burgess. In het eerste deel van Torn Curtain gaat onze aandacht ook naar de complexe emotionele reactie van Sarah: zij reageert verbaasd, woedend, wanhopig en angstig maar blijft houden van Michael. Het gevoel van Sarah immuun te kunnen blijven verdwijnt wanneer Michael haar betrekt in de schijnvertoning.

De relatie en geestelijke gezondheid van Sarah lopen niet langer gevaar, maar nu worden haar vrijheid en leven bedreigd. Sarah blijkt net als de heldinnen in Notorious en North by Northwest extreem beproefd te worden door egoïstische mannen met duistere motieven en twijfelachtige idealen. Zij fungeert als bewaarengel voor haar geliefde. Michael wordt gemanipuleerd en belaagd door mannen én geholpen door vrouwen: de boerin die het leven helpt vernietigen, de verpleegster die fysisch communiceert (door Michael te doen struikelen) en de gravin die van haar lichaam een obstakel voor de achtervolgers maakt. Alleen een danseres ziet Michael als bedreiging voor haar imago en leven.

TORN CURTAIN

In tegenstelling tot The Man Who Knew Too Much en North by Northwest is er in Torn Curtain geen dominante slechterik als opponent, het gevaar loert hier overal. Iemand die aanvankelijk helpt, zoals de taxichauffeur, wordt snel een tegenstander en allianties (met de passagiers van de bus die achtervolgd wordt door een dubbelganger-bus) zijn fragiel. Het wantrouwen is algemeen en zelfs de daden van de held maken de kijker moreel ongemakkelijk. Alfred Hitchcock maakt de mechanismen van zijn mise en scène doorzichtig en inviteert de toeschouwer om zijn eigen spektakel te maken. Dit plezier wordt echter meteen schuldig: de held is een schoft met twijfelachtige motieven en de vijand blijkt ook een slachtoffer te zijn. Plezier en ongemak, genot en pijn, liefde en dood: bij Alfred Hitchcock zijn ze nauw met elkaar verbonden.

IVO DE KOCK

(Artikel verschenen in Film & Televisie)

TORN CURTAIN: reg. Alfred Hitchcock. sce. Brian Moore. fot. John F. Warren. mon. Bud Hoffman. muz. John Addison. pro. Alfred Hitchcock voor Universal Pictures. act. Paul Newman (Michael Armstrong), Julie Andrews (Sarah Sherman), Lili Kedrova (gravin Luchinska), Hansjšrg Felmy (Heinrich Gerhard), Tamara Toumanova (ballerina), Wolfgang Kieling (Hermann Gromek), Ludwig Donath (Gustav Lindt), Günter Strack (Karl Manfred), e.a. / U.S.A., 1966, kleur, 119 min. dis. Universal.

HITCHCOCK

Leave a comment