Dossier Masters of Horror. Deel 1: Interview ‘Fear Maker’ Mick Garris

jul 30, 2019   //   by Ivo De Kock   //   actueel, genre, horror, interview, thema  //  No Comments
Mick Garris & John Carpenter

Dertien griezeluurtjes verzamelde ‘bedenker’ Mick Garris in de reeks ‘Masters of Horror’. Het idee ontstond tijdens een etentje van enkele horrorregisseurs. “Aan een tafeltje naast het onze vierde men een verjaardag,” vertelt Garris, “we wilden hen feliciteren met ‘the Masters of Horror’ wish you a Happy Birtday.’ De naam van een project was geboren. Als grap want zo ernstig namen we ons niet.”

Cigarette Burns

Na de Belgische première van zeven episodes tijdens de nacht van de ‘Masters of Horror’ op de voorbije BIFFF-editie wordt de serie integraal maar in schuifjes op het Belgische publiek losgelaten. De dertien films zullen beschikbaar zijn voor onze thuisbioscoop dankzij betaaltelevisie (van maart tot juli via Telenet Digital TV en PCTV, waar ze enkele maanden circuleren) en de betere videotheek (via Three Lines vanaf mei tot oktober). Genre-fans zullen ongetwijfeld kiezen voor de koop-dvd die, in tegenstelling tot de huurversie, put uit de rijke schat aan bonusmateriaal van de Amerikaanse schijfjes. Anchor Bay Entertainment, de dvd-divisie van producent IDT Entertainment, had er immers een erezaak van gemaakt echte pareltjes uit te brengen, ook al was dat commercieel geen noodzaak.

Een aanpak die wel past voor een door alle deelnemers als een labour of love beschouwde reeks. Het idee ervoor ontstond tijdens een ontspannen etentje onder legendarische horrormeesters in het Beverly Hills-restaurant Hamburger Hamlett. Regisseur en producent Mick Garris vertaalde het verlangen van de cineasten om samen ‘iets’ te doen in een realistisch project dat hen carte blanche gaf om eigenzinnige 60 minutenfilms te draaien. “Het gaat vaak om verhalen die deze fear makers altijd al hadden willen verfilmen”, aldus uitvoerend producent Andrew Deane, “maar waar ze tot nog toe de kans niet voor kregen. Showtime is de ideale partner voor dit project gezien de filmmakers stelden dat om ècht beangstigende cinema te maken, ze zelf zoveel mogelijk creatieve vrijheid nodig hadden en hun films gespaard dienden te blijven van commerciële onderbrekingen”.

Dance of the Dead

Het Masters of Horror dream team telt 13 leden. Zowel ervaren genremeesters als jonge, beloftevolle talenten die zoals Lucky McKee hun episode zagen “als een soort eindexamen waarbij we als studenten reeds vooraf werden bedacht met de eretitel Masters of Horror!”. John Carpenter (Halloween) onderzoekt hoe gevaarlijk film is in Cigarette Burns. Don Coscarelli (Bubba Ho-tep) voert een perverse slasher-variant op in Incident on and off Mountain Road. Stuart Gordon (Re-Animator) keert terug naar zijn liefde voor H.P. Lovecraft met Dreams in the Witch House. John Landis (An American Werewolf in London) beoogt “een hommage aan Tourneurs Cat People” via ‘het-beest-in-de-schone’ Deer Woman. Joe Dante (Gremlins) gaat voor de politieke mokerslag in het allegorische Homecoming. Dario Argento (Suspiria) introduceert een hypnotiserende gruwel-Lolita in Jenifer. Larry Cohen (It’s Alive) organiseert een clash tussen een seriemoordenaar en een liftende psychopaat in Pick Me Up. John McNaughton (Henry, Portrait of a Serial Killer) brengt zombies tot leven in Haeckel’s Tale. Lucky McKee (May) injecteert transformaties in zijn sardonisch liefdesverhaal Sick Girl. Tobe Hooper (Texas Chainsaw Massacre) dompelt ons onder in de postapocalyptische wereld van Dance of the Dead. William Malone (House on Haunted Hill) vertelt op gotische wijze een macaber sprookje over zwarte magie in The Fair-Haired Child. Mick Garris (The Stand) laat de realiteit verstoren door waarnemingen in Chocolate. Takashi Miike (Ichi the killer) trekt met Imprint alle gore-registers open.

Deer Woman


Je kwam met het idee van Masters of Horror (MOH) op de proppen én je staat genoteerd als scenarist, regisseur en uitvoerend producent. Hoe schoot deze ambitieuze reeks uit de startblokken?

MICK GARRIS: We begonnen als eender welke andere serie, maar voor de rest verschilt MOH van wat ooit al is gedaan. Ik kom goed overeen met de meeste regisseurs; we komen elkaar dikwijls tegen op festivals, conventies of via vrienden. Al die tijd zegden we dat we toch eens moesten samenkomen. Dat duurde járen, tot ik me realiseerde dat het er nooit van zou komen als ik het initiatief niet nam. Zodoende. Het nam een week in beslag om een etentje te regelen. Uiteindelijk waren we met z’n twaalven onder wie John Carpenter, John Landis, Tobe Hooper en Guillermo del Toro. Het was zo geestig dat we maanden later opnieuw gingen eten – toen duurde het nog maar een uurtje om iedereen bijeen te brengen. We praatten niet over werk tot er werd geopperd dat het best fijn zou zijn iets samen te doen.

Ik kwam met het concept van een serie aandraven. Iedereen hield ervan want het uitgangspunt was een 1-uur- ‘show’ gebaseerd op totale creatieve vrijheid. Dat was mogelijk omdat de dvd-maatschappij Anchor Bay Entertainment MOH voor honderd procent financiert. Er zit géén netwerk in de weg. Showtime heeft de tv-rechten maar dat is betaaltelevisie, te vergelijken met HBO, zonder commercials of strenge censuur. Overigens zijn ze partners en geen producent, wat betekent dat ze zich hoe dan ook niet kunnen moeien. Alle regisseurs kwamen samen omdat ze elkanders gezelschap waarderen en iets wilden doen zoals zij het zien. Iedereen warm maken, het over voorwaarden eens worden én over het concept waken was mijn taak. Heb je de pretentie de reeks zo te noemen, dan moet je wél de bekendste mensen op de affiche zetten. Dat lukte maar het was behoorlijk gecompliceerd want iedereen is aan langspeelfilms gebonden.

Dreams in the Witch House


Bijzonder aan MOH is dat het accent op de schrijver komt te liggen; ook literaire`masters of horror’ zoals Richard Matheson en vermaarde scenaristen zoals Lawrence Cohen en Matt Greenberg spande je voor
je kar?


GARRIS: Toch waren het de filmers die het voor het zeggen hadden: they are the ones! Zowat de helft van alle scripts waren verhalen die ze erg graag wilden filmen: korte vertelsels of uit te testen ideeën. Ofwel schreven regisseurs die zelf, ofwel brachten ze scenaristen binnen met wie ze al eerder werkten. En dan was het aan ons, producenten, om die andere helft in te zamelen. Er is géén writing staff, de scenario’s zijn gepend door fantastische schrijvers van het genre, zoals Clive Barker of Joe Lansdale. Eens de scripts in goede vorm gegoten speelde ik cheerleader; ik reikte ideeën aan die cineasten al dan niet oppikten.

Waren er dan geen beperkingen? Takashi Miike maakte het zo bont dat Imprint van het tv-scherm werd gebannen


GARRIS: Er waren amper beperkingen. Showtime is een acommercieel netwerk met een aantal basisregels; dingen die we toch nooit zouden filmen. Maar Miike’s episode – de enige die in Japan en niet in Canada is gefilmd – is over de héle lijn zo extreem dat Showtime het niet kon maken die uit te zenden. Ik respecteer zulke keuze veel meer dan dat ze her en der wat zouden wegsnijden om de film alsnog te kunnen tonen. Dat zou namelijk het hele idee van de serie op zijn kop zetten. In de VS komt Imprint dus direct op dvd. Aangenaam wanneer je door een dvd-firma wordt gefinancierd; we kunnen veel meer doen en zo’n beslissing is geen catastrofe. Integendeel, door de geruchten én de intensiteit van de prent zullen er wellicht tweemaal zoveel stuks worden verkocht. Samenwerken met een kabelmaatschappij maakte ook deel uit van de pitch van MOH. Het beschermt filmers en geeft hen de garantie iets te creëren waarin ze hun visie kwijt kunnen. Want geen enkele van de twaalf andere films zou op een commerciële zender kunnen worden vertoond. No way.

Imprint


Ziet een John Carpenter – wiens klassiekers momenteel aan de lopende meter door de remake-machine worden gehaald in MOH een kans om iets meer te doen dan in een bioscoopfilm?

GARRIS: Bioscoopfilms die nu voor horror doorgaan zijn sequels of remakes die op teenagers zijn afgesteld. Wij moedigen aan zoiets niete maken. Wie wil er nu een horrorklassieker hermalen tot teenagehorror? Dat er meer moet kunnen is onze bestaansreden. John kan gerust op pensioen gaan – hij heeft jarenlang genoeg successen geboekt – maar hij doet zoiets omdat hij zich amuseert! Overigens komt hij daarom in het tweede seizoen terug. MOH vraagt ook niet zo’n groot engagement. Je komt enkele weken voor de shoot, je draait tien dagen, je monteert en het werk zit erop. Dat is wat anders dan een jaar van je leven uittrekken om een film op poten te zetten. Hou je van filmen, dan is dat toch geweldig? Je krijgt er alleen weinig geld voor.

Het goede nieuws is dat MOH dermate goed wordt ontvangen dat vele regisseurs en acteurs er nu deel van willen uitmaken. Behalve Carpenter vinden we de jonge belofte Lucky McKee terug; toch een verrassende naam in het rijtje ‘meesters’?

GARRIS: Eerst strikten we George Romero en Roger Corman maar Roger sukkelde met z’n gezondheid en George had in Land of the Dead z’n tanden gezet. We moesten dus snel met een alternatief komen en iedereen was dol op Lucky’s unieke film May. The Woods hadden we nog niet eens gezien. Hij was dé nieuwe stem. Zijn episode Sick Girl werd heel bizar en grappig. Lucky kwam erin en werd een held. Wat een wervelstorm. Hij was ook amper 29 toen zijn deel werd ingeblikt. Dat al die oudere filmers nieuwe snufjes gebruikten vond hij vreemd. De jongen deed nog zo zijn best een film te maken in de stijl van de horror uit de jaren 50!

Sick Girl

Thematisch zien we een link tussen Argento’s Jenifer, Incident on and off Mountain Road van Don Coscarelli, Deer Woman van John Landis en jouw Chocolate; mannelijke protagonisten krijgen het hard te verduren terwijl vrouwen triomferen!

GARRIS: Absoluut. Op het einde stelden we vast dat seksuele spanning blijkbaar de kop opsteekt wanneer je aan filmers en schrijvers zegt dat ze hun zin mogen doen! Lucky nam voor Sick Girl b.v. een script aan over een jongen en een meisje en turnde die erg naturel om in een fifties bug movie rond een lesbische affaire. In een volwassen geest zijn vrouwen een bron van horror; de diepgewortelde angst voor relaties en intimiteit komt in verhalen naar boven. Toch enthousiasmeerden we iedereen om iets uniek te vertellen. Horror is zo persoonlijk; je vraagt aan filmers om hun angsten bloot te leggen.

Een buitenbeentje in de serie is Joe Dante’s politieke Homecoming. In de VS is het alleen de regering die de regering apprecieert; de rest verfoeit ze! Op die film zijn we apetrots. Hij trok ook al de wereld rond. Reacties meten is moeilijk want Showtime mist een massabereik, maar na het succes in Torino vloog de Europese pers erop af. Ook in de VS coverden de grote kranten MOH, en vooral Homecoming, uitgebreid. Joe Dante heeft maar een kleine horrorprent nodig om zijn punt te maken, en dat is niet erg subtiel (lacht). Romero’s films hebben politieke tentakels maar Dante zet er gewoon de hakbijl in!

Jenifer

Jij regisseerde Chocolate en schreef zelf het script. Haalde je voor dit zintuiglijke liefdesdrama de mosterd bij Irvin Kershners Eyes of Laura Mars uit 1978, naar Carpenters kortverhaal?

GARRIS: Ik schreef het script én kortverhaal van Chocolate omstreeks dezelfde periode, begin de jaren 80! Al jaren probeer ik er een langspeler van te maken maar telkens ving ik bot. Voor MOH was dat perfect. Het is een minder angstwekkend maar persoonlijk en intiem liefdesverhaal, gebaseerd op een nare droom. Daarin voelde ik hoe het was om een gewelddadige moord te plegen. Net zoals mijn hoofdpersonage doodde ik niet zelf, maar voelde wel hét mes in ’s mans vel snijden en het bloed wegsijpelen. Ik werd trillend wakker en was bleek, verstoord en walgde. In die periode ontmoette ik mijn vrouw; ik koppelde onze relatie aan de nachtmerrie.

Chocolate is zintuiglijk omdat we onze zintuigen negeren. Creatievelingen springen er bewuster mee om en nemen geuren en geluiden soms op een andere manier waar. Dat wou ik in een verhaal steken waar iedereen zich kon mee identificeren. Mijn kortverhaal eindigt halfweg de fictiefilm, wanneer de man na de moord ontwaakt en de zintuigen van de vrouw niet meer voelt. Maar voor de film liet ik hem de vrouw opzoeken omdat hij nog nooit in zijn leven zoveel om iemand had gegeven. Mijn aanpak is meer bovennatuurlijk, al is dat geen beslissing want het verhaal schrijft mij. De vingers doen het werk, niet de hersenen.

Homecoming

Als schrijver ben je betrokken bij vele miniseries voor tv. Is dat een keuze of is het gewoon erg moeilijk om een lange film te realiseren?

GARRIS: Ik zou liever alleen speelfilms maken maar zo’n MOH-film kan alleen in dit concept: het pást. Ook die miniseries konden alleen in die vorm bestaan. Commerciële tv bleek nodig voor m’n beste werk: de Stephen King-series. Al is het niet altijd leuk met weinig geld en tijd te werken. Of, wanneer je het verhaal naar de climax duwt, door een reclameblok te worden onderbroken.

In die zin puurt MOH het beste uit twee werelden: het is cinema maar vervelende dingen zoals publiekstesten, regels volgen, studio’s gehoorzamen, gecensureerd worden of tieners behagen, vallen weg. MOH is als een tvserie opgenomen, de ene episode na de andere, volledig in Vancouver om de kosten te drukken. We startten in april vorig jaar en eindigden in oktober met een break van enkele weken omdat de opnames zéér vermoeiend waren. De eerste bereidde zich voor terwijl de tweede draaide en de derde voor de afwerking naar LA vertrok. Wij hadden één crew maar twee DOP’s, twee regieassistenten en twee art directors. Nieuwe regisseur, nieuwe regels, daar hielden we wel van. Het voelt veel beter dan te werken aan een tvserie waarvan de producent heilig is en je iedere week op dezelfde cast en set stoot.

Pelts

Was de aanpak van in het begin anders omdat je wist dat MOH voor dvd was bedoeld en misschien zelfs nooit op tv te zien zou zijn?

GARRIS: We wisten dat niemand ons zou terechtwijzen. Dat deed ons ademen. En er is véél dvd-materiaal omdat een cameracrew constant behind the scenes draaide. In Europa worden twee films op één schijf geperst zonder extra’s. In de VS is er één film per disc (n.v.d.r. en voor de huurversie) met minstens twee uur bonussen: het script, het kortverhaal dat als basis diende, biografieën, hommages van acteurs én script-toscreen-
scènes. Die tonen je een scène in scriptvorm, alle dailies ervan en de finale filmscène. Zo zie je de evolutie. Of die pakken extra’s een marketingstunt zijn weet ik zo niet.

Eigenlijk wisten we dat de films op zich wel zouden lokken. Maar wanneer we het hebben over `Masters’ zijn we een klein dvd-evenement aan onszelf verplicht! Alle filmers spreken nu zelfs audiocommentaren in – ook zij die dat normaliter niet doen. Het dvd-label Anchor Bay was geweldig in hun grootste project ooit. They care. De dvd’s zijn samengesteld door fans van het genre en dat merk je. Hun research was gekkenwerk. In mijn bio is er zelfs een foto opgenomen van het huis waar ik ben opgegroeid – kan je nagaan.

Pick Me Up

Zoals je al meldde staat een tweede reeks in de steigers…

GARRIS: En binnen twee weken start de shoot! Ik was vorig jaar in Brussel met mijn laatste film Riding the Bullet en voor het eerst toonde ik er een promo voor MOH. Twee weken later startten we de opnames. Nu ben ik hier een jaar later met zeven episodes uit de serie en staan we op het punt met seizoen twee aan te vangen. ’t Is als een cirkel die rond is. Velen keren in de tweede reeks terug: Carpenter, Landis, Dante, Hooper, Argento en mezelf. Maar we introduceren ook Brad Anderson van Session 9 en Ernest Dickerson van Demon Knight en Bones. Sommigen misten we in het eerste deel, maar Rob Zombie zal het wellicht weer niet halen en ook Guillermo del Toro – die dolgraag wil meedoen – blijft zulke grote films maken dat zijn tijd erg krap is. ‘Masters hebben altijd werk!

IVO DE KOCK & JULIE DECABOOTER


BIFFF BRUSSEL – MAART 2006

(Verschenen in Filmmagie, n° 564, juni 2006)

The Black Cat

Leave a comment