Clint Eastwoods ‘Blood Work’: Elk lichaam vertelt een verhaal

Clint Eastwood is zowat God in Frankrijk maar toch werden sommigen van zijn films uitgespuwd of in het beste geval met de mantel der liefde bedenkt. Detectiveverhaal Blood Work zo’n film die net na Space Cowboys de Franse critici tot wanhoop dreef. Met ‘weinige overtuigende scenario’s’ en een tikkeltje te veel ironie leek hun idool de weg kwijt. Maar de volgende Eastwood bleek een meesterwerk: Mystic River.
Ondanks zijn schijnbaar nonchalante no-nonsense houding beseft Clint Eastwood perfect wat zijn kwaliteiten en beperkingen zijn als regisseur, acteur én ster. En hij weet wanneer hij een film maakt voor de critici (Unforgiven), zichzelf (Midnight in the Garden of Good and Evil) of het grote publiek (Blood Work).
Niet toevallig ruilden bij het ouder worden van Eastwood zijn personages hun expressief icoon karakter in voor een meer autoreflexieve instelling. Heroïsme, moraliteit en zelfs Clints imago worden daarbij in vraag gesteld. De cinema van Eastwood blijft wel nadrukkelijk narcistisch, het lichaam vormt het venster van de ziel.

Een close-up van Eastwoods gezicht vertelt in Blood Work dan ook een heel verhaal, zonder dat er enige psychologie bij komt kijken. Terwijl de menselijke tekortkomingen, net zoals in True Crime en Space Cowboys, verbonden worden het ouder worden lichaam van Clint Eastwood.
Tijdens het achtervolgen van een hem uitdagende seriemoordenaar stort speurder Terry McCaleb letterlijk in, zijn zicht wordt troebel en zijn hart begeeft het. Na een harttransplantatie veruiterlijken de littekens op zijn huid de sporen van zijn kwetsbaarheid.
Maar McCaleb ontvlucht rust (gedwongen pensioen) en voorzichtigheid (fysieke beperkingen) door andere sporen te volgen, nagelaten door de ‘code killer’. In de vlucht rekent hij af met de schuldgevoelens die Graciela Rivers, zuster van de vrouw met wiens hart Terry rondloopt, gebruikt om hem te betrekken in het moordonderzoek.

Blood Work is een klassiek Eastwood detective verhaal. De aanwijzingen worden overduidelijk aangebracht via herhaalde flashbacks, overbelichte details en karikaturale personages. Eastwood houdt niet alleen van een lijzig narratief ritme, gedragen door een jazzy score, hij wil de toeschouwer ook niet afleiden door hem te misleiden.
Cineast Eastwood weet meer dan acteur Eastwood maar wil niet slimmer dan de kijker zijn. Bij hem geen The Usual Suspects trucs. Het is dan ook een misvattingen om Blood Work te beschouwen als een film voor domoren, in de directe cinema van Eastwood is de kijker net wèl een intelligentie.
Er wordt in Blood Work echter geen tijd verloren aan plot en psychologische zingeving. Of aan de fysieke wankele toestand van McCaleb. Met de bloedanalyses verdwijnt ook de angst voor afstoting van het getransplanteerde orgaan. Eastwood concentreert zich op de driehoek gedrag-ervaring-persoonlijkheid.
Blood Work ondergraaft het blank machismo van Eastwood en stelt vragen bij de relatie tussen ras en levensvisie. Zijn ‘Mexicaans’ hart, zijn getekend en veranderd lichaam vernietigen zijn paranoïde houding (waarin de wereld verraderlijk is en hij intuïtief het kwaad voelde).
Wijsheid, hoop en verbondenheid komen in de plaats. Door Eastwood bewust ‘naïef’ vertaald in een mogelijk instant gezin dat de grenzen van ras en leeftijd overstijgt.
IVO DE KOCK